Aan de slag met duurzaam verpakken

3 december 2015 – De Europese Commissie heeft gisteren ‘Closing the loop’, het pakket voor de circulaire economie, goedgekeurd. Dit pakket is er op gericht om de overgang naar een circulaire economie te stimuleren door meer recycling en hergebruik. Het nieuwe pakket volgt na de terugtrekking van een eerder voorstel door de Europese Commissie eind 2014.Het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) reflecteert op de betekenis van het nieuwe pakket voor duurzaam verpakken.

‘Closing the loop’ - nieuw pakket voor de circulaire economie van de Europese Commissie

3 december 2015

3 december 2015 – De Europese Commissie heeft gisteren ‘Closing the loop’, het pakket voor de circulaire economie, goedgekeurd. Dit pakket is er op gericht om de overgang naar een circulaire economie te stimuleren door meer recycling en hergebruik. Het nieuwe pakket volgt na de terugtrekking van een eerder voorstel door de Europese Commissie eind 2014.Het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) reflecteert op de betekenis van het nieuwe pakket voor duurzaam verpakken.

De voorstellen in het nieuwe pakket hebben betrekking op de volledige levenscyclus van producten: van de productie- en consumptiefase tot afvalbeheer en de markt voor secundaire grondstoffen. Het pakket bevat vier aangepaste richtlijnen, waaronder de richtlijn voor verpakkingen en verpakkingsafval. In het pakket wordt 650 miljoen euro geïnvesteerd uit Horizon 2020 en 5,5 miljard euro uit de structuurfondsen. Kijkend naar de betekenis voor de verdere verduurzaming van verpakkingen, zijn volgens het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) de volgende maatregelen in het bijzonder van belang:

Nieuwe gemeenschappelijke streefdoelen voor het hergebruik en recycling van verpakkingsafval en een bindend streefdoel om de hoeveelheid gestort afval te beperken.

Het bindend streefdoel voor het storten van afval wordt gesteld op maximaal 10 procent. In het eerdere pakket ging het hierbij om maximaal 5 procent. Voor het hergebruik en recycling van verpakkingsafval is het gemeenschappelijk streefdoel voor 2025 65 procent en voor 2030 75 procent. In het eerdere pakket was dit respectievelijk 70 en 80 procent. In zijn toelichting hierop zei eurocommissaris Frans Timmermans het volgende: “Unlike the previous commission we combine these strict recycling targets with a maximum of 10 percent landfill. Prioritizing the reduction of landfill is what we need to boost recycling (…) The diversity among EU member states with 64 percent of recycling in some and 10 percent in others, is huge.”

In de Nederlandse situatie is het storten van huishoudelijk afval sinds de jaren negentig sterk afgenomen. In 1990 ging het nog om 53 procent, in 2003 om 6 procent en in 2010 om 0,8 procent.

Een vergelijking tussen de Europese streefdoelstellingen voor hergebruik en recycling en de Nederlandse doelen en gerealiseerde percentages laat zien dat Nederland in percentages nog moet groeien op kunststof, hout, glas en papier en karton.

 

Europese doelstelling
31 december 2025

Europese doelstelling
31 december 2030

Nederlandse doelstelling 2014

Recyclingpercentage Nederland 2014

Kunststof

55%

55%

42%

50%

Hout

60%

75%

25%

25%

Metaal

75%

85%

85%

94%

Aluminium*

75%

85%

   

Glas

75%

85%

90%

79%

Papier en karton

75%

85%

75%

82%

*In het Circulaire economie pakket wordt voorgesteld om voor aluminium een separate doelstelling op te stellen.

Maatregelen voor het werkplan ecodesign 2015 – 2017 en op nationaal niveau werken aan de vermindering van de milieudruk van verpakkingen.

In het pakket wordt ten aanzien van preventie van verpakkingen de mogelijkheid geboden om op nationaal niveau via producentverantwoordelijkheid te werken aan de vermindering van de milieu-impact van verpakkingen. Dit sluit aan bij de Nederlandse aanpak van de brancheverduurzamingsplannen, waarin het bedrijfsleven plannen opstelt met de hoogst haalbare doelen voor verpakken. Op deze manier worden er niet alleen doelen gesteld voor recycling, maar ook afspraken gemaakt over verduurzaming bij het ontwikkelen van verpakkingen.

Ontwikkeling van kwaliteitsstandaarden voor secundaire grondstoffen.

Dit is ook voor verpakkingen een belangrijk thema. Zo brengt het KIDV op korte termijn een advies uit aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu (IenM) over het toevoegen van kwaliteitseisen voor kunststof verpakkingsafval zodat er zuivere stromen kunnen worden gesorteerd. Maar ook contaminatie tussen verpakking en product is hierbij een belangrijk onderwerp. Denk bijvoorbeeld aan de discussie die Foodwatch onlangs entameerde over stoffen die kunnen voorkomen in gerecycled papier. Contaminatie is ook aan de orde gesteld in de verduurzamingsplannen die branches opstellen voor 2018. Het KIDV neemt het onderwerp daarom mee in het wetenschappelijk onderzoeksprogramma dat samen met het Topinstitute Food and Nutrition (TiFN) wordt uitgevoerd.

Op het gebied van plastic recycling wordt een strategie aangekondigd die onder meer in zal spelen op zaken als recyclebaarheid, biodegradeerbaarheid en de aanwezigheid van gevaarlijke stoffen in plastic.

Deze onderwerpen worden in Nederland op diverse manieren opgepakt. Onder meer in het programma ‘Van Afval Naar Grondstof’ (VANG), in het kader van het lectoraat ‘Circular plastics’ van de NHL Hogeschool, de Stenden Hogeschool en de Hogeschool Van Hall Larenstein en in onderzoeken door onder andere de Technische Universiteiten Delft en Eindhoven. Verder vindt in het onderzoeksprogramma van het KIDV ook onderzoek plaats naar de grondstofketen. Daarin worden de volgende vragen beantwoord: hoe kunnen grondstofproducenten, sorteerbedrijven en hergebruikbedrijven bijdragen aan betere recycling van kunststof verpakkingsmaterialen? En: welke toepassingsmogelijkheden zijn er voor de herwonnen materialen?  Juist omdat er vanuit veel kanten aan deze onderwerpen wordt gewerkt, kan een overall strategie behulpzaam zijn bij het aanbrengen van gezamenlijke richting en focus.

Acties om voedselverspilling tegen te gaan.

In Nederland worden diverse acties ondernomen om voedselverspilling tegen te gaan. Dat gebeurt bijvoorbeeld in het kader van het programma ‘Van Afval Naar Grondstof’ (VANG) en door het ‘No waste network’, waarin op initiatief van het ministerie van Economische Zaken (EZ) nauwe samenwerking plaatsvindt met de Alliantie Verduurzaming Voedsel, Wageningen UR en andere stakeholders. Hoewel dit in het pakket niet expliciet wordt genoemd, kunnen verpakkingen daar uiteraard ook een extra bijdrage aan leveren. Enerzijds door verpakkingen zo te ontwerpen dat de productinhoud maximaal kan worden gebruikt, anderzijds door te investeren in intelligente verpakkingen die de houdbaarheid van voedsel optimaliseren. Hierbij  moet rekening worden gehouden met duurzaamheid en met de recyclebaarheid.Dit komt ook aan de orde in de brancheverduurzamingsplannen, doordat er daarbij wordt gekeken naar productverpakkingscombinaties en er daarmee ook aandacht is voor het voorkomen van productverlies. Verder worden in het wetenschappelijk onderzoeksprogramma van het KIDV methoden ontwikkeld om het meten van voedselverspilling bij de milieudruk van de verpakking mee te kunnen nemen.